In het verleden is de grootte van glazen in overeenstemming gebracht met de sterkte van de eruit gedronken drank. Bierglazen, wijnglazen en jeneverglazen leverden alle ongeveer dezelfde hoeveelheid alcohol. Die zekerheid wordt de laatste jaren in toenemende mate ondermijnd door de komst van dranken met tussenliggende alcoholgehalten.
Een halve eeuw geleden had bier een alcoholpercentage tussen de vier (oud bruin) en zes (pils standaard 5,0-5,5 procent). Het afgelopen decennium zijn er steeds meer bieren met hogere alcoholgehalten op de Europese markt verschenen, vooral vanuit België, Oostenrijk en Tsjechië. Daar zijn bieren bij met alcoholgehalten boven de 10 procent. Dus sterker dan de ouderwetse landwijn van ca 10 procent.
Bij de wijn heeft zich hetzelfde voorgedaan. Een halve eeuw geleden had wijn een alcoholgehalte van 9,5-12,5 procent. Tegenwoordig worden er wijnen verkocht met alcoholgehalten tot 14,9 procent. Boven 15,0 procent mag wijn geen wijn meer heten. Dranken met alcoholgehalten boven de 15 procent worden tot de sterke dranken gerekend. Aangesterkte wijnen, met alcoholgehalten van 18-20 procent (sherry, port, vermout) mogen daarom alleen door de slijter verkocht worden.
Een standaard bierglas heeft een inhoud van 250 ml. Bij een alcoholgehalte van 5,0 procent levert een glas bier dus 12,5 ml zuivere alcohol. Een standaard wijnglas heeft een inhoud van 100 ml. Drinkt men daaruit wijn met 12,5 procent alcohol, dan krijgt men per glas 12,5 ml zuivere alcohol binnen. Precies evenveel alcohol als wanneer men bier drinkt uit een glas van 250 ml! Hetzelfde geldt voor jenever uit een borrelglaasje van 35 ml, of voor sherry uit een glas van 75 ml.
Drinkt men een sterk bier met 10 procent alcohol uit een standaard bierglas, dan krijgt men tweemaal zoveel alcohol binnen als met een pilsje. Met sterke wijn uit een standaard wijnglas, krijgt men 20 procent meer alcohol binnen dan met “gewone” wijn.
Het grootste gevaar zit hem in de blikjes en de flesjes bier. De sterke bieren worden verkocht in blikjes en flesjes met dezelfde inhoud als de flesjes en blikjes pils. Iemand die gewend is op een avond vijf flesjes leeg te drinken, is bij de sterke bieren ineens tweemaal zo erg aangeschoten. Vooral jongeren worden door de sterkere bieren en wijnen gewend gemaakt aan grotere hoeveelheden alcohol in hun lichaam. Zo kweek je alcoholisten !
Het omgekeerde komt ook voor, verlaging van het alcoholgehalte. Dat heeft een financiële reden. Zo heeft Heineken onlangs in Engeland het alcoholgehalte van zijn lichte bier verlaagd van 3,8 naar 3,6 procent. Daardoor valt dat bier in een lagere accijnsklasse en bespaart Heineken zich op jaarbasis maar liefst 8 miljoen euro. Een ander voorbeeld was de verlaging van het alcoholgehalte van sommige likeuren en “shooters” naar 14,9 procent. Dat leverde een lagere accijnsheffing plus de mogelijkheid om in de supermarkt verkocht te mogen worden.
Tegenwoordig is voor vrijwel ieder alcoholgehalte wel een drank te vinden. De zekerheid die de standaardglazen boden, is daarmee een illusie geworden.
Dingeman Korf